Weergave problemen?

View this email in your browser


DE ONDERWERPEN VAN DEZE NIEUWSBRIEF:

Slecht gedrag signaleren en aanpakken;                                
Bouwvakkers werken door ondanks kou;                                        
• Arbowet en de wet Doorwerken na de AOW;                                
Arbowet en uitzendkrachten;
Vertrouwenspersoon gedwarsboomd;
Succesvolle advisering op het gebied van veiligheid;
Quotumregeling voor overheidswerkgevers;
Baan maakt chronisch zieke gelukkiger;
De nieuwe NPR 7910-1 nu in ontwerp beschikbaar;
Het belang van veilig werkvergunningen;
• Openstaande vacatures Arts Safety B.V.


Slecht gedrag signaleren en aanpakken                

De wereldwijde beweging #MeToo doet wereldwijd beroemdheden van hun troon vallen. Schrijnend daarbij blijkt de druk op de slachtoffers om ‘het’ geheim te houden. Omstanders, waaronder ook de leidinggevenden, hebben signalen niet herkend of opgepakt. En in het slechtste scenario maken ze zelf onderdeel uit van het systeem. In Nederland geldt wetgeving die organisaties verplicht beleid inzake gedrag te hebben. Maar dat betekent niet per definitie dat gedrag als pesten en seksuele intimidatie benoemd en aangepakt wordt. Integendeel: uit recente jurisprudentie blijkt zelfs dat werknemers waarvan ‘slecht gedrag’ bewezen is, niet ontslagen kunnen worden als het beleid onvoldoende bekend was.

De preventiewerker zal in het directe contact met medewerkers risico’s op afwijkend gedrag kunnen signaleren. Dat is mede van belang omdat door wijzigingen van zowel de Wet op ondernemingsraden en de Arbowet de preventiemedewerker meer recht op contact met de ‘kerndeskundigen’ en de beleidsmakers heeft gekregen.

Deze ontwikkelingen bieden in combinatie met verscherpte rechten qua positie veel kansen om als preventiemedewerker ongewenst gedrag en de risico’s daaropaan te kaarten. Met name in het krachtenveld van medezeggenschap, bedrijfsarts en bedrijfsleiding kan de preventiemedewerker een rol spelen om van individueel naar organisatieniveau te schakelen. En zo mede te toetsen of het geformuleerde beleid bekend en effectief is.

De OR kan zo onder andere bevorderen dat de preventiemedewerker voldoende uren en faciliteiten toegekend krijgt. Dat instemmingsrecht geldt ook voor de inhoud van het contract met de bedrijfsarts/arbodienst waaronder afspraken over overleg.

Een andere ontwikkeling is die op toezichthoudend niveau waarbij het bestuur aansprakelijk is voor een cultuur van integriteit en duurzaamheid. De tijd lijkt dus rijp om als preventiemedewerker zaken te (durven) benoemen.

Een andere kans in dit kader is dat bij het opstellen van de RI&E er, mede op advies van de preventiemedewerker, vragen opgenomen worden over ervaren gedrag op de werkvloer, ook wat men bij anderen waarneemt. Dat kan een informeel systeem van geheimhouding doorbreken.

Er zijn veel mogelijkheden om als preventiemedewerker een rol te spelen bij het benoemen en aanpakken van gedrag als pesten en seksuele intimidatie. Daarbij is het van belang dat de preventiemedewerker over vaardigheden, kennis en contacten beschikt.

Bron: Werk en veiligheid



                  

Bouwvakkers werken door ondanks kou                                        

Ondanks de extreem lage temperaturen begin maart, werd er op veel bouwplaatsen volop gewerkt. FNV Bouw en CNV Vakmensen kregen hierover veel klachten van werknemers. Vooral zzp’ers en uitzendkrachten werden door hun meerdere aan het werk gezet.

Bouwvakkers hebben recht op vorstverlet wanneer sneeuw en ijs en een gevoelstemperatuur van min 6° het werken gevaarlijk maakt. De temperatuur wordt 's morgens om 7.00 en om 10.00 uur gemeten, als blijkt dat om 10.00 uur de gevoelstemperatuur boven de min 6° ligt, dan moet de bouwvakker alsnog aan de slag, zo niet dan mag de werknemer naar huis. Biedt de werkgever ander passend werk aan, dan is de werknemer verplicht dat te accepteren.

Als de werkgever maatregelen treft op de bouwplaats om de gevoelstemperatuur van de bouwvakker boven de min 6° te brengen, dan is er geen vorstverlet. De periode van niet kunnen werken noemt men de vorstverletperiode.

In de cao staat vast dat werkgevers werknemers bij zo’n lage gevoelstemperatuur hoe dan ook niet mogen dwingen om te werken. Toch komen veel bedrijven deze afspraken niet na, zeggen FNV en CNV. Zij kregen de afgelopen week tientallen meldingen van bouwvakkers die toch aan de bak moesten. De Inspectie SZW heeft ook klachten gekregen, maar die waren niet zo ernstig dat er een onderzoek wordt ingesteld.

FNV zegt tegen het Algemeen Dagblad dat de druk van de bedrijven voortkomt uit de knijpende deadlines voor het opleveren van nieuwbouwprojecten. ‘Er móét doorgewerkt worden. Als je nee zegt, dan word je gezien als lastig. Vooral zzp’ers voelen zich gedwongen om door te gaan. CNV voegt eraan toe dat het aantal klachten in de loop van de week wel is afgenomen. Een waarschuwing is op zijn plaats: vrieskou kan leiden tot ernstige onderkoeling, bevroren vingers en tenen, en zelfs in extreme gevallen tot arbeidsongeschiktheid.

Bouwend Nederland is het met de vakbonden eens dat het met deze kou onverantwoordelijk is om mensen buiten te laten werken. Werkgevers zouden er daarom meestal voor kiezen om de werknemers niet volledig vrij te geven, maar de werkzaamheden te veranderen. Zo wordt het werk wanneer het kan binnen uitgevoerd.
  
Bron: AD en Wikipedia


Arbowet en de wet Doorwerken na de AOW                           

Demografisch gezien ‘vergrijst’ Nederland en onze beroepsbevolking. Dit is als aanleiding gezien om al in 2015 de wet “Doorwerken na de AOW” in te voeren. Hierin zijn onder andere het aantal tijdelijke contracten in loondienst, wat te doen in geval van ziekte alsmede pensioenopbouw geregeld. Met de komst van deze wet is uiteraard ook de Arbowet in een nieuw licht komen te staan. Waar onze Rijksoverheid tot voor kort nog beschreef dat de Arbowet tot het bereiken van de AOW-gerechtigde leeftijd van toepassing is, hebben zij op aangeven van Arts Safety B.V. deze interpretatiefout aangepast. De Arbowet is uiteraard voor iedereen die in Nederland werkt, van toepassing.



                         

Arbowet en uitzendkrachten

Werken er binnen uw organisatie uitzendkrachten? Dan liggen de verantwoordelijkheden verspreid. Het uitzendbureau is de juridisch werkgever; de uitzendkracht tekent een contract voor (on)bepaalde tijd met het uitzendbureau welke ook de verplichting voor afdrachten en salaris draagt bijvoorbeeld.

Op het gebied van veiligheid liggen de verantwoordelijkheden bij de inlener, het bedrijf waar de uitzendkracht zijn of haar werkzaamheden verricht. De Arbowet beschrijft dat in die hoedanigheid de inlener als werkgever dient te worden aangemerkt. Hij heeft namelijk de leiding en toezicht over de uitzendkracht tijdens de werkzaamheden.

De werkgever is dan ook verantwoordelijk voor de gezondheid van de uitzendkracht tijdens het werk en veiligheid op de werkplek. Het uitzendbureau blijft niet geheel buiten beschouwing; Voorafgaand aan het dienstverband dient de inlener een actuele RI&E, of het deel dat voor de uitzendkracht relevant is, aan het uitzendbureau te sturen. Het uitzendbureau dient deze RI&E vervolgens aantoonbaar met de uitzendkracht te hebben gedeeld. Daarmee is de zogenaamde doorgeleidingsplicht vervuld.


Vertrouwenspersoon gedwarsboomd                                

Tien procent van de vertrouwenspersonen die binnen hun bedrijf slachtoffers van pesten of seksuele intimidatie bijstaan, wordt teruggefloten door de werkgever. Voor vertrouwenspersonen die buiten de organisatie werken geldt dat in 23 procent van de gevallen.

Dat concluderen de Landelijke Vereniging van Vertrouwenspersonen (LVV) en journalisten van het onderzoeksprogramma De Monitor aan de hand van een landelijke enquête onder vertrouwenspersonen. Uit eerder onderzoek bleek al dat bijna de helft van werkend Nederland wel eens te maken heeft met seksuele intimidatie.

De werkgevers brengen de vertrouwenspersonen vaak in de problemen als ze hun werk toch voortzetten. Zo worden hun contracten niet verlengd of krijgen ze zonder pardon de zak. Tachtig procent van de vertrouwenspersonen wil dan ook dat hun rechtspersoon wordt verstevigd. Zodoende zou het voor hen makkelijker worden om een slachtoffer bij te staan, zonder dat ze het risico lopen ontslagen te worden.

Onlangs werd het ook nog eens bekend dat vertrouwenspersonen niet significant vaker meldingen binnenkrijgen sinds de #Metoo-discussie startte. Vaak schamen de slachtoffers zich zo erg, of zin ze zo bang hun baan te verliezen, dat ze niet aan de bel trekken. Al helemaal niet als de werkgever de dader is.

Bron: AD


Succesvolle advisering op het gebied van veiligheid

Onze specialisten zijn werkzaam in uiteenlopende branches en locaties. We vinden het belangrijk om betrokken te zijn en te blijven bij de werkzaamheden van onze specialisten gedurende het project dat wordt uitgevoerd. We bezoeken hen dan ook regelmatig op de diverse projectlocaties.

Om op een lopend project in te kunnen springen heb je ervaren specialisten nodig. Als opdrachtgever ervaar je ongetwijfeld wel eens een situatie waarbij je op zoek bent naar het zogeheten schaap met de vijf poten. Je zoekt kwaliteiten en competenties als coördinerende capaciteiten, het nakijken van V&G-plannen, beoordelen van werkplannen, TRA’s en werkvergunningen, een spin in het web en ook nog eens werkervaring als HVK’er. Juist in dit soort situaties is het van belang om verder te kijken dan alleen de kennis van een specialist.

Arts Safety B.V. adviseert opdrachtgevers met succes over welk type specialist de beste oplossing is voor het capaciteitsvraagstuk. Vraagt u als opdrachtgever wel eens af hoe je een capaciteitsvraagstuk moet oplossen?

Neem dan contact op met Arts Safety B.V. en wij adviseren u graag.


Quotumregeling voor overheidswerkgevers

Vanaf 1 januari 2018 geldt de quotumregeling voor overheidswerkgevers, zoals het Rijk, gemeenten of onderwijs. Het kabinet heeft dit besloten omdat overheidswerkgevers gezamenlijk in 2016 niet voor voldoende banen gezorgd hebben. Zorgt een individuele werkgever niet voor genoeg extra banen voor arbeidsgehandicapten? Dan krijgt hij vanaf nu te maken met een quotumregeling.

Overheidswerkgevers hebben in 2016 te weinig arbeidsgehandicapten in dienst genomen. Het afgesproken aantal van 6500 banen (banenafspraak) is niet gehaald. Daarom geldt voor deze sector vanaf 2018 een quotumregeling. De quotumregeling geldt voor alle overheidswerkgevers die in 2017 25 of meer werknemers in dienst hebben. UWV stelt vast welke werkgevers onder de regeling vallen. Het aantal van 25 werknemers wordt uitgedrukt in verloonde uren. Hierover ontvangen de werkgevers in het eerste kwartaal van 2018 bericht van UWV.

Voor 2018 is het quotumpercentage vastgesteld op 1,93. Dit percentage bepaalt hoeveel werknemers een werkgever in dienst moet hebben om aan de banenafspraak te voldoen. Voldoet een werkgever niet aan het quotum? Dan bedraagt de heffing € 5000 per niet ingevulde baan. Als 1 baan telt een baan van 25,5 verloonde uren per week. Alle banen van mensen uit de doelgroep tellen mee. Ook arbeidsplaatsen met een omvang kleiner dan 25,5 uur per week tellen, naar rato, mee.

Het kabinet heeft besloten om over het jaar 2018 nog geen heffingen op te leggen aan werkgevers. Dit gebeurt voor het eerst in 2019. Werkgevers die in 2018 niet aan het quotum voldoen, zijn nog niets verschuldigd. Zorgen de overheidswerkgevers in 2018 collectief voor voldoende banen, dan stopt de quotumregeling. De banenafspraak voor overheidswerkgevers gaat dan weer gelden.

Bron: Arboportaal


Baan maakt chronisch zieke gelukkiger

Uit onderzoek van drie patiënten koepels is gebleken dat werken een positieve invloed heeft op het leven van mensen met een aandoening of beperking. Zij ervaren hun leven als zinvoller, zijn gelukkiger en hebben het gevoel dat zij bij het grotere geheel horen. Daarnaast is dit onderzoek van belang omdat er vanuit de overheid steeds meer nadruk ligt op een werkende status.

De vragenlijst is door 3.397 deelnemers ingevuld waarvan er 2.811 in het onderzoek zijn opgenomen, aangezien 586 mensen de pensioensleeftijd hebben bereikt. Het blijkt dat het niet hebben van werk een negatieve invloed heeft op het leven van mensen met een arbeidsbeperking als het gaat om erbij horen, het hebben van sociale contacten, het bereiken van idealen en het of de persoon in kwestie zich gezond voelt.  De knelpunten die in het onderzoek vaak worden genoemd zijn het ontbreken van passend werk, twijfels aan eigen mogelijkheden en stigmatisering.

Ook wordt er in het onderzoek een aantal aanbevelingen gedaan om ervoor te zorgen dat mensen met een beperking of aandoening gemakkelijker werk vinden en houden. Want veilig en gezond werken moet voor iedereen mogelijk zijn:

• Er moet passend werk zijn voor mensen met een aandoening of een beperking;
• Er moet passende ondersteuning zijn om aan het werk te komen en aan het werk te blijven;
• Werk moet een veilige plek zijn waar werknemers open kunnen zijn over hun aandoening of  
  beperking, om zo in te kunnen spelen op knelpunten die er zijn of kunnen ontstaan.

Aangezien de groep mensen die te maken heeft met een gezondheidsbeperking op de arbeidsmarkt groeit, is het inspelen op de ondersteuning van chronisch zieke werkenden en werkzoekenden een onderwerp waar veel bedrijven mee te maken hebben. In het kader van gezond en veilig werken is dit daarom ook een belangrijk onderwerp vanuit het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid.

Bron: Arboportaal


De nieuwe NPR 7910-1 nu in ontwerp beschikbaar                             

Onlangs (01-02-2018) is het nieuwe ontwerp van de NPR 7910-1 versie 2018 gepubliceerd. Deze bevat weer diverse wijzigingen waarvan we hier de belangrijkste noemen. De NPR 7910-1 is een belangrijke norm, omdat deze vaak wordt gebruikt voor het bepalen van de klasse van de Ex-zones (ook wel ATEX-zones of gevarenzone of gevaarlijke gebieden genoemd). Naast de klasse van de zone is ook de omvang van de zone belangrijk.

De belangrijkste wijzigingen:

• Beoordeling van explosie risico’s (nieuwe paragraaf 4.5.2)
  Op basis van een risicoanalyse kan worden bepaald of een hoger of lager 
  beschermingsniveau van materieel kan worden toegepast in een gevarenzone.
  Dus er kan worden afgeweken van de standaard EPL – gevarenzone voorschriften (zone 0 =
  EPL Ga; zone 1 = EPL Gb; zone 2 = EPL Gc;

• Brandbare nevels (paragraaf 4.8 (nieuw nummer))
  Brandbare nevels kunnen ook bij vloeistoffen met een hoger vlampunt een explosieve 
  atmosfeer vormen. Er zijn extra voorbeelden genoemd, zoals deze worden beschreven in de
  zogenaamde EI15 (Energy Institute, versie 2015);

• Een nieuwe gevarenzone: “Inert Gebied” (paragraaf 5.1 en 11.2)
  Er is een nieuwe gevarenzone gedefinieerd, het zogenaamde Inert Gebied. In een inert 
  gebied is geen zuurstof aanwezig;

• Arbeidshygiënische strategie (nieuwe paragraaf 5.2.1)
  In paragraaf 5.2.1 Veiligheidsprincipes wordt nader uitgelegd dat al tijdens een ontwerp van 
  een installatie onderzocht moet worden wat de kans is op het vrijkomen van brandbare
  stoffen en hoe dit zoveel mogelijk kan worden vermeden;

• Kwalificatie van personeel (nieuwe paragraaf 5.2.4)
  De gevarenzone-indeling dient te worden uitgevoerd door personen die kennis van zaken 
  hebben. Er wordt gerefereerd aan de IECEx05 module Ex 002;

• Continue gevarenbronnen (paragraaf 7.2)
  De voorbeelden van continue gevarenbronnen zijn uitgebreid met o.a. de binnenzijde van 
  tanks en vloeistofoppervlakken die in directe verbinding staan met de atmosfeer;

• Onderdelen die niet als gevarenbron worden beschouwd (paragraaf 7.5.1)
  Het begrip “Technisch Dicht” is geïntroduceerd (in de Duitse normgeving wordt dit eveneens  
  gebruikt en nog meer in detail beschreven). Technisch dichte installaties worden onder
  bepaalde voorwaarden niet als gevarenbron beschouwd en geven dus geen gevarenzone.
  Essentieel is hierbij ventilatie. Er is nu voorgeschreven dat er zonder kunstmatige ventilatie
  altijd een verversing van 1 maal per uur moet zijn;

• Kunstmatige plaatselijke ventilatie: afmetingen van de gevarenzone zijn gewijzigd (tabel 7)
  De afmetingen van de gevarenzone bij kunstmatige plaatselijke ventilatie met voldoende
  beschikbaarheid en voldoende capaciteit is niet alleen het plaatselijke afzuiggebied, maar
  een gebied van r1=1m, 7m of anders bepaald;

• Effect van openingen (paragraaf 10.3.4)
  In tabel 8 zijn toevoegingen geplaatst met betrekking tot de omvang van een zone
  (bij openingen van type A, B en C);

• Afwijkend gebied (paragraaf 11.1)
  De paragraaf bevat een belangrijke aanpassing, er is nu weer opgenomen dat een Afwijkend
  Gebied niet mag grenzen aan een gevarenzone. (Dat stond ook al in de oude editie van de
  NPR 7910-1:2001);

• Werkzaamheden in ATEX-zones (hoofdstuk 14). Ook bij werkzaamheden in een ATEX-zone
  2 dient de gasconcentratie continu te worden gemeten (tenzij hiervan gemotiveerd kan
  worden afgeweken);

• Er is een nieuwe paragraaf toegevoegd over werkzaamheden in en/of aan geopende
  installaties;

• Er een nieuwe paragraaf toegevoegd (14.6) omtrent het veilig werken middels een procedure
  (werkvergunning).

Bron: IAB Ingenieurs                                                                             


Het belang van veilig werkvergunningen                                     

In de nieuwe ontwerp NPR 7910-1:2018 is een leidraad opgenomen voor veilig werken in een explosieve atmosfeer. Deze procedure is bedoeld voor het gebruiken van apparatuur met ontstekingsbronnen in gevarenzones, onder strikte voorwaarden.Met algemene bewoordingen, als “kan” worden afgegeven of “kan zijn voorgeschreven” is omschreven hoe veilig kan worden gewerkt.
 
Helaas komen er in de praktijk regelmatig explosies voor, doordat er geen werkvergunning is verstrekt of doordat er geen gasdetectie is toegepast in gevarenzones. Een werkvergunning in een gevarenzone is geen optie, maar een verplichting. De werkvergunning is een communicatiemiddel en procedure, waarbij verschillende partijen zich afvragen hoe er veilig gewerkt kan worden.

Daarnaast is een gasvrijverklaring en continue gasdetectie ook een belangrijke voorwaarde bij het werken met ontstekingsbronnen in gevarenzones. Maar al te vaak blijft een werkvergunning of gasdetectie achterwege, met alle gevolgen van dien. 
 
Werkvergunningen en ATEX-zones
ATEX-zones zijn gebieden met een verhoogd risico op een explosieve atmosfeer. In het Arbobesluit staat niet direct een aanwijzing dat een werkvergunning verplicht is, maar in de praktijk komt het er wel op neer. In artikel 3.5f staat namelijk: “Voor de aanvang van arbeid dat gevaar kan opleveren, wordt toestemming verleend door een daartoe bevoegde persoon om deze arbeid te verrichten.” Dit wordt in de praktijk geïnterpreteerd als een werkvergunning.

Bron: IAB Ingenieurs                                   


Openstaande vacatures Arts Safety B.V.                                                          

Arts Safety B.V. is op zoek naar kandidaten voor de volgende vacatures:

Nederland:

Vacature Kam Coördinator - Gelderland, Nederland
Vacature HSE Manager (HBO, MVK+/ HVK) (vast dienstverband) - Etten-Leur, Nederland
MVK'er voor een BRZO bedrijf in de regio Zeeland - Zeeland, Nederland
KAM Coördinator/ Middelbaar Veiligheidskundige (Vast dienstverband) - Zuid-Holland
HVK'er te Zeeland (Vast dienstverband) - Zeeuws-Vlaanderen, Nederland
Assistent kwaliteitsmanager - Terneuzen, Nederland
Accountmanager Nederland - medior - Breda, Nederland

België:

Vacature Preventieadviseur niv.II – HSSE Site Leader (Vast dienstverband)
- Regio West-Vlaanderen, Belgie

Vacature Preventieadviseur (m/v) (Vast dienstverband) - Geel, Belgie
Safety Coördinator (Vast dienstverband) - Regio Brussel, Belgie
Preventieadviseur niveau 1 (Vast dienstverband) - Regio Gent, Belgie
Preventieadviseur - Adjunct van het Diensthoofd IDPB (Vast dienstverband) 
- Regio Oost-Vlaanderen, Belgie

Controleur IDPB (Vast dienstverband) - Regio Oost-Vlaanderen, Belgie
Adjunct QSE-engineer (Vast dienstverband) - Regio Gent, Belgie
Accountmanager België - medior - Antwerpen, Belgie

Europa:

Veiligheidsverantwoordelijke - Borealis in Linz, Oostenrijk

Indien u interesse heeft in één van de bovenstaande benoemde vacatures of iemand kent in uw netwerk, dan verzoeken wij u vriendelijk via de desbetreffende link te reageren via ons sollicitatieformulier.

 


Uitgebreide omschrijvingen van bovenstaande onderwerpen kunnen vrijblijvend bij ons worden opgevraagd via
info@arts-safety.com
 


Arts Group Companies:

   

             

 

 

Uitschrijven

Postbus 5690
4801 EB Breda
   NL: +31 85 888 04 60
 BE: +32 3 808 08 92
  info@arts-safety.com

Copyright © 2018 | Arts Safety B.V. | Alle rechten voorbehouden.