Weergave problemen?

View this email in your browser


DE ONDERWERPEN VAN DEZE NIEUWSBRIEF:

  • Aantal dodelijke ongevallen stijgt sterk.
  • We doen het altijd al zo.
  • De rol van een teamleider in een magazijn.
  • Cobots, hulp of gevaar bij magazijninrichting?
  • Beweegbare brug.
  • Sociaal (on)veilig werken: een verantwoordelijkheid van iedereen.
  • Pak stof aan!
  • Aan de slag met je tabletnek op de internationale dag van de RSI.
  • Beroepsziekten te lijf met de RI&E.
  • Elektromagnetische velden.
  • Werken met ontsmette containers in havens: gezondheidsrisico's en preventiemaatregelen.
  • Nieuwe Richtlijn Steigers.


cid:5407479238-2

Aantal dodelijke ongevallen stijgt sterk         


Het aantal dodelijke bedrijfsongevallen is in de afgelopen twee jaar flink gestegen, meldt de Inspectie SZW. In 2017 overleden er 54 mensen aan een ongeluk op het werk, wat aanzienlijk minder is dan de 71 in 2018. Iets meer dan dertig procent van de dodelijke ongelukken vonden plaats in de bouwsector. Daarna volgen de transport- en opslagsector, de handel en de industrie.

Het totale aantal ernstige ongevallen op de werkvloer is in 2018 ook gestegen met 4% ten opzichte van het jaar ervoor. Volgens een woordvoerder van de Inspectie SZW, die met de NOS sprak, schommelt het aantal dodelijke ongelukken al jaren tussen de 50 en de 70. De groei tussen 2017 en 2018 valt dus nog binnen de marge.

De toename van het aantal onveilige situaties op het werk is te wijten aan de toenemende drang naar meer snelheid en efficiëntie binnen bedrijven. Werkgevers worden dan ook met klem opgeroepen om meer te focussen op arbeidsmiddelen, veiligheidsprocedures en een veiligere arbeidscultuur.

De meeste dodelijke bedrijfsongevallen hebben te maken met vallen van hoogtes en gegrepen worden door bewegende installaties. Wat opvalt is dat de meeste ongelukken plaatsvinden bij bedrijven met minder dan tien werknemers. Per honderdduizend werknemers van kleine bedrijven zijn 67 mensen betrokken bij een ongeval. Bij middelgrote en grote bedrijven zijn dat respectievelijk 46 en 11 personen. Jongeren tussen 15 en 24 jaar en ouderen zijn overigens vaker betrokken bij arbeidsongevallen dan collega's in andere leeftijdsgroepen.

Bron: NOS, Inspectie SZW

     

We doen het altijd al zo

Je doet bepaalde werkzaamheden al jaren op dezelfde manier, nog altijd zonder ongevallen. Zijn deze werkzaamheden dan veilig? Nee, mogelijk niet. Want veilig werken is iets anders dan het uitblijven van ongevallen. Daarbij komt dat er zijn veel omstandigheden zijn, die invloed hebben op een ongeval. Bij aanpassingen in werkwijzen, om een handeling veiliger te maken, horen we toch nog vaak: ‘Maar we doen het al twintig jaar zo!’.

Natuurlijk, nul ongevallen is een mooie doelstelling, maar is met deze doelstelling veiligheid te garanderen? En is honderd procent veilig werken überhaupt mogelijk? Als alle ongevallen te voorkomen zijn en we honderd procent veilig kunnen werken, waarom gebeurt dit dan niet? Moeten we met z’n allen nog harder ons best doen om absolute veiligheid te bereiken?

Veiligheid is het bewust nemen van aanvaardbare risico’s. Het afwegen van een risico is iets waar een veiligheidsprofessional dagelijks mee bezig is. Veiligheid is niet zwart-wit. Er is een groot grijs gebied. Honderd procent veiligheid is niet mogelijk, maar dat neemt niet weg dat we onze uiterste best moeten doen. Het is belangrijk dat eenieder de verantwoordelijkheid neemt om veilig te werken. Om dit te realiseren is een sterke veiligheidscultuur belangrijk. Dat gaat alleen wanneer er binnen een organisatie gestuurd wordt op veilig gedrag.

Het is belangrijk dat er in iedere laag van de organisatie bewustwording plaatsvindt. De organisatie moet een gedeelde overtuiging hebben dat veiligheid belangrijk is. Een leidinggevende moet bereid zijn om in ieder geval in eerste instantie procedures ter discussie te stellen, tot vastgesteld is of het onder de omstandigheden de juiste is.

Oplossingen vanuit de organisatie (werkvloer) worden vaak beter geaccepteerd, dan oplossingen vanuit het (top)management. Ook wanneer werkzaamheden al jaren, zonder ongevallen, op eenzelfde manier worden gedaan! Het is belangrijk om een brug te slaan tussen het management en de werkvloer.

Bron: arbeidsveiligheid

De rol van een teamleider in een magazijn

Managers besteden vaak veel aandacht aan de technische aspecten van hun werk. De magazijnmedewerkers worden vaak gezien als een eenvoudig werktuig, een middel tot productie. Het tegenovergestelde is echter waar: zonder de volledige inzet van de mensen in het magazijn zal de organisatie er niet in slagen haar doelstellingen te realiseren.

Steeds meer bedrijven zetten veiligheid hoog op de agenda. Dit merken we onder andere door de vraag naar het boekje ‘Mensenwerk’, met praktische tips en adviezen om de magazijnveiligheid naar een hoger niveau te brengen.

Toch slaan veel bedrijven de eerste stappen over: het creëren van een veiligheidscultuur waarin medewerkers bewust zijn van de risico’s van hun werk en alle neuzen dezelfde kant op staan. Daarom moet je als magazijnmanager of teamleider op zo’n manier de medewerkers betrekken dat zij zich actief willen inzetten voor de organisatie.

Omdat inzet niet kan worden opgelegd maar moet worden gestimuleerd, is het de taak van de manager of teamleider om een goed werkklimaat te scheppen. Bovendien spelen zij een belangrijke rol in de veiligheidscultuur en arbeidsveiligheid in een organisatie. Dat geldt voor alle managementlagen, van hoog tot laag. Door de veiligheidscultuur en de arbeidsveiligheid te stimuleren en het juiste gedrag te belonen, zal uiteindelijk ook de efficiency verbeteren. Dit leidt weer tot kostenbesparing.

Betrokkenheid van het topmanagement is hierbij essentieel. Het topmanagement moet achter veiligheid staan, in woorden en in daden: budget vrijmaken voor instructie en middelen, aanwezig zijn en zeker niet onbelangrijk het goede voorbeeld geven. Alleen als het hele management leiderschap toont, kan er een gedrags- en cultuurverandering in gang gezet worden. De veiligheidsnorm van de direct leidinggevende is de norm van de groep. Dit bepaalt uiteindelijk of het magazijn echt een veilige en efficiënte werkomgeving wordt.

Bron: evofenedex


Cobots, hulp of gevaar bij magazijninrichting?

Machines nemen een steeds prominentere plek in binnen bedrijven. Ondernemers moeten zich daarop voorbereiden, bijvoorbeeld door mensen op te leiden om met robots om te kunnen gaan. TNO doet onderzoek naar de gevolgen van ‘meewerkende machines’ op de werkvloer.

Een robot op de werkvloer is geen onbekend fenomeen meer. Denk maar aan assemblagelijnen in autofabrieken, waar machines lassen en bouwen totdat er aan het eind van de band een auto afrolt. Deze machines staan op een vaste plaats, met hekken eromheen om medewerkers zo ver mogelijk bij de machines weg te houden. Dat geeft voor iedereen duidelijkheid en maximale veiligheid.

Toch moeten mens en machine steeds meer met elkaar samenwerken. De opkomst van de zogenoemde cobots is daarvan een voorbeeld; de term cobot staat voor 'collaboratieve robot', gemaakt om samen te werken met de mens. Omdat ze (vaak) klein en behendig zijn, zijn ze ook in de maakindustrie erg nuttig. Wat kunnen de gevolgen zijn van cobots op de werkvloer? Welke nieuwe risico’s zijn er, welke mogelijke beheersmaatregelen zijn er nodig en hoe verloopt de samenwerking tussen mens en robot?

Het is van oudsher niet de bedoeling dat mensen bij machines komen. Met behulp van hekken en andere veiligheidsmaatregelen houden we medewerkers zoveel mogelijk uit de buurt. Als je dan ineens met een robot of cobot moet gaan samenwerken, vraagt dat een andere instelling.

Een probleem bij de komst van meer robots en cobots is het wantrouwen van werknemers. Mensen zijn bang voor hun baan en gaan soms zelfs over tot sabotage. Draagvlak creëren in een bedrijf voor dit soort innovaties is daarom belangrijk. Bovendien zal er geen werk verdwijnen, maar wel het werk veranderen. De machines moeten tenslotte ook worden onderhouden.

Bron: evofenedex



                         

Beweegbare brug

Wanneer u een beweegbare brug ontwerpt, moet rekening gehouden met wet- en regelgeving. Zowel bestaande als nieuwe installaties moeten voldoen aan de eisen van de Arbowet. Nieuwe bruggen en delen hiervan (vanaf bouwjaar 1995) moeten voldoen aan de Machinerichtlijn. Om aan de eisen van deze richtlijnen te voldoen, kan gebruik worden gemaakt van normen die hieraan een nadere invulling geven.

De norm voor bruggen & sluizen is de Nederlandse norm: NEN 6787:2003; Het ontwerpen van beweegbare bruggen - Veiligheid.
 
Bron: Pilz



                  

Sociaal (on)veilig werken: een verantwoordelijkheid van iedereen           

Sociale veiligheid op de werkvloer lijkt zo vanzelfsprekend. Jammer genoeg is dat niet zo. Onderzoek wijst uit dat 20 % van de werknemers weleens te maken heeft met ongewenst gedrag als intimidatie, pesten, discriminatie, geweld of seksuele aandacht op de werkvloer. Dit vraagt om ondersteuning.

De vraag is hoe die ondersteuning het best gegeven kan worden, en door wie. Of zou dit een verantwoordelijkheid van ons allemaal moeten zijn? Wie maakt het eigenlijk (sociaal) onveilig op de werkvloer?

Het kan toch niet anders zijn dan dat wij allemaal zelf de hoofdrolspelers zijn? Ieder mens heeft een rol in het ‘spel’ waarin wij het voor elkaar onveilig maken op de werkvloer of dit op één of andere manier actief of passief toestaan? Of het nu gaat om intimideren, pesten, discrimineren, benadelen, bevoordelen of welke vorm dan ook, dat voor een onveilig gevoel zorgt, eenieder heeft een rol in het geheel.

Op de werkvloer speelt zich een ingewikkeld proces af waarbij sociale vaardigheden, groepsprocessen, bedrijfscultuur, hiërarchie en persoonlijke ontwikkelingen van de ‘spelers’ bij elkaar komen. En we maken allemaal deel uit van die processen.
 
De ‘dader’ kan onbewust of bewust een onveilig gevoel veroorzaken in de rol die hij speelt in de voornoemde processen. Het (on)bewust creëren van onveiligheid vraagt om het laten herkennen en erkennen van eigen gedrag en het effect dat dit heeft om vervolgens bewust een gedragsverandering te kunnen bewerkstelligen.

De ‘toeschouwers’ in dit spel hebben mogelijk de belangrijkste rol. Wanneer er een sociaal onveilige situatie ontstaat, hoe gaan we hier dan mee om? Indien je aan de veilige kant van de lijn zit vraagt het om moed om de onveilige situatie te signaleren, bespreekbaar te maken en te doorbreken.

Zodra sociaal onveilige situaties langer bestaan raken we er kennelijk min of meer aan gewend. Gedrag wordt dan wel eens omschreven als ‘zo is het nou eenmaal’. Maar als ‘toeschouwer’ kun je afstand nemen en een situatie observeren als buitenstaander. Je kunt zo de situatie proberen te benaderen alsof het voor het eerst gebeurt en er een oordeel over vellen. Vind je de situatie dan eigenlijk acceptabel? Als het antwoord hierop ‘nee’ luidt, dan is actie op zijn plaats.
 
De wens en het doel is om voor iedereen een sociaal veilige werkomgeving te creëren. En al is dit misschien niet voor 100% realiseerbaar, het ontneemt eenieder niet de mogelijkheid om zich in te zetten en dit doel na te streven. Wanneer wij vaker door de ogen van een ander zouden kijken, en ons zouden inleven in mensen die in sociaal onveilige werksituaties verkeren, is te verwachten dat het sociale klimaat op de werkvloer een stuk aangenamer wordt.

Bron: werk en veiligheid                                                       


Pak stof aan!         

 

Met de campagne ‘Pak stof aan!’ vraagt Stigas aandacht voor de risico’s van blootstelling aan stof in de agrarische en groene sector. In de praktijk zijn werkgevers en werknemers zich namelijk onvoldoende op de hoogte van de gezondheidsrisico’s voor longen en luchtwegen. In de campagne staan daarom bewustwording, advies en het vroegtijdig zien van klachten centraal.

De campagne van Stigas (een kennisinstituut voor veilig en gezond werken in de agrarische
sector) bestaat uit meerdere activiteiten. Zo zal Stigas het komende jaar verhalen uit de praktijk verspreiden maar ook stofmetingen en longfunctiemetingen uitvoeren. Daarnaast wordt er aan de ontwikkeling van een stoftest gewerkt waarmee een varkenshouder op een gemakkelijke manier kan vaststellen of hij risico’s loopt.

De kwaliteit van de (binnen) lucht heeft een directe invloed op de gezondheid. Hoofdpijn, irritaties van neus, keel en ogen, luchtweginfecties, astma en andere ziekten zoals kanker zijn mogelijke effecten van een vervuild binnenmilieu. De binnen lucht bevat vaak meer chemische stoffen dan de buitenlucht.


De FOD Volksgezondheid, Veiligheid van de Voedselketen en Leefmilieu wil de bronnen van schadelijke stoffen in huis zoveel mogelijk beperken, o.a. door strenge normen vast te leggen voor chemische producten en voor het gebruik van chemische stoffen met mogelijke schadelijke effecten bij het maken van meubels, vloer- en wandbekleding en voor bouwmaterialen. Dit zal ze ook doen door producten met EU Ecolabel te promoten en door consumenten te informeren over het juiste gebruik van sommige producten.

 

Bron: Arboportaal en FOD België

Aan de slag met je tabletnek op de internationale dag van de RSI

 

De muisarm kenden we al, maar tegenwoordig hebben veel mensen ook last van een tabletnek, smartphone-pols, WhatsApp-duim of iPad-arm. En dat kan behoorlijke klachten veroorzaken. Vandaag op de internationale dag van de RSI staan we daar extra bij stil. Want wat is RSI precies en hoe kunnen RSI-klachten worden voorkomen?

RSI (Repetitive Strain Injury) is een verzamelterm voor verschillende spier- en gewrichtsklachten die veroorzaakt worden door repeterende handelingen. Pijn aan handen, polsen, schouder en nek die ontstaan door steeds dezelfde beweging te herhalen. Voor het voorkomen van dergelijke RSI-klachten is een goede werkhouding van groot belang.

Repeterende handelingen zijn handelingen die zich herhalen binnen 90 seconden. Deze handelingen kunnen een risico met zich meebrengen als zij gedurende minimaal 2 uur per dag of minimaal 1 uur achter elkaar uitgevoerd worden. Werknemers die achter een beeldscherm werken, belasten hun vingers, polsen, armen en schouders- en nekregio. Beeldschermwerk is daarom de grootste oorzaak van RSI. Een goede houding is daarom erg belangrijk voor werknemers.

Andere beroepen die hier vaak mee te maken hebben zijn bijvoorbeeld musici en slagers, maar ook postbodes behoren tot de risicogroep, net als kassapersoneel en lopende-bandwerkers. Zorg voor een goed ingerichte werkplek

In de Arbowet staan geen concrete bepalingen over repeterende handelingen. Het criterium van elke 2 uur een onderbreking bij beeldschermwerk is komen te vervallen. Wel is elke werkgever verplicht om te zorgen dat fysieke belasting geen gevaar oplevert voor de werknemer. Tevens moet de werkplek van de werknemer voldoen aan de ergonomische richtlijnen.
 
Aan de hand van de risico- inventarisatie en -evaluatie (RI&E) kunnen werkgevers bekijken
waar de risico’s zitten voor werknemers. Waar op gelet kan worden, is een goede werkhouding voor de werknemer. Bijvoorbeeld de stoel op de goede hoogte, recht achter de computer zitten en voldoende afwisseling tussen werkzaamheden. En ook de werknemer kan de kans op RSI-klachten verlagen door af en toe een korte pauze te nemen om de spieren te ontspannen.

Kijk voor meer informatie over RSI op het Gezondheidsplein. En bij de FNV zijn 7 testen te
vinden voor het opsporen van de oorzaken van RSI bij beeldschermwerk.
Bronnen: Gezondheidsplein.nl, FNV.nl, Ondernemersplein.nl.

Bron: Arboportaal

Beroepsziekten te lijf met de RI&E

Van 17 tot en met 21 juni 2019 organiseert Steunpunt RI&E de vijfde Week van de RI&E (Risico-Inventarisatie en -Evaluatie). Dit is een initiatief van het Steunpunt RI&E in samenwerking met de sociale partners om extra aandacht te vragen voor veilig en gezond werken. Dit jaar staat de week in het teken van het thema “Beroepsziekten te lijf met de RI&E”.

Er is momenteel veel aandacht voor het voorkomen van beroepsziekten. Jaarlijks overlijden namelijk ruim 4000 mensen aan de gevolgen van beroepsziekten en nog eens tienduizenden mensen zitten (deels) arbeidsongeschikt thuis. Het gaat niet alleen om longkanker door asbest, maar ook om astma, een versleten rug en burn-outs. Maar hoe voorkom je beroepsziekten?

De RI&E is een gestructureerde manier om in een organisatie de risico’s op het gebied van de veiligheid en gezondheid, waaronder beroepsziekten, van werknemers in kaart te brengen. Op basis hiervan worden maatregelen genomen om werknemers te beschermen tegen deze risico’s.

In de Week van de RI&E organiseren branches, arbodeskundigen, arbodiensten en andere intermediairs acties door het hele land met aandacht voor de RI&E, zoals workshops, kortingen op QuickScans en telefonisch advies. Nieuwe activiteiten zullen vanaf april 2019 zichtbaar worden op de website van de Week van de RI&E.

Bron: Arboportaal

Elektromagnetische velden                

Wie heeft geen gsm of MP3-speler en wie geeft geen voorkeur aan energiezuinige lampen? Maar zijn hier ook risico’s aan verbonden en worden hiervoor bij wet grenswaarden opgelegd? En wat kunnen we zelf doen om het risico nog verder te beperken? Trouwens, wat is elektromagnetische straling en wat is het verschil met geluid?

Elektromagnetische straling en geluid zijn beide fysische (omgevings)factoren die onze gezondheid kunnen beïnvloeden. Voor de natuurkundigen zijn het beide golven, daarom gebruikt men hiervoor dezelfde terminologie zoals intensiteit, frequentie, golflengte. Toch zijn het totaal verschillende verschijnselen.

Elektromagnetische straling is de voortplanting door de ruimte van elektrische en magnetische golven, terwijl geluid het resultaat is van kleine veranderingen in de luchtdruk, die zich door de lucht voortplanten. Elektromagnetische straling kunnen we soms zien (als licht) of voelen (als warmte), terwijl we geluid alleen kunnen horen.

Elektromagnetische velden kunnen gevolgen hebben voor de gezondheid van werknemers. De mate waarin en de manier waarop is afhankelijk van de frequentie en de veldsterkte.

Als de velden sterk genoeg zijn, ontstaan elektrische stroompjes die tintelingen of pijn kunnen veroorzaken, of worden deze velden geabsorbeerd waardoor het lichaam opwarmt. Een te sterke stijging van de lichaamstemperatuur kan leiden tot schadelijke gezondheidseffecten.

Elektromagnetische velden die zwakker zijn dan de blootstellingslimieten in de richtlijn hebben deze effecten niet en er is ook geen bewijs dat deze lage veldsterkte op lange termijn tot gezondheidsschade leidt. Zodra de blootstelling ophoudt, houden de effecten ook op.

 Bron: FOD België en Arboportaal 

Werken met ontsmette containers in havens: gezondheidsrisico's en preventiemaatregele

In dit rapport worden de potentiële veiligheids- en gezondheidsrisico's beoordeeld die voortvloeien uit het havenwerk met containers die met bestrijdingsmiddelen zijn ontsmet.

De auteurs bespreken de internationale wetgeving en literatuur (wetenschappelijke publicaties alsook richtlijnen en artikelen), onderzoeken de risico’s voor de veiligheid en gezondheid op het werk en beschrijven praktische voorbeelden van preventieve maatregelen en strategieën. Hun conclusie is dat er nog grote hiaten zijn in onze kennis en preventiecultuur. Het probleem wordt ook vaak onderschat omdat de negatieve gevolgen voor de gezondheid niet naar behoren worden geregistreerd en ontsmette containers zelden van een correct label worden voorzien.

De auteurs raden aan prioriteit te geven aan maatregelen om het probleem onder controle te krijgen, zoals een risicobeoordeling vóór opening van de container, routinematige screening van containers bij aankomst in de haven en maatregelen tot handhaving van de regels voor het etiketteren van containers.

Bron: EU-OSHA


Nieuwe Richtlijn Steigers

De nieuwe richtlijn steigers is opgenomen in de Arbocatalogus Bouw & Infra. Daarmee krijgt de richtlijn nu officiële kracht van wet.

De richtlijn was al onderdeel van menige Arbocatalogus, veelal ook in die van opdrachtgevers. I-SZW gebruikte de Richtlijn Steigers al voor handhaving. De Inspectie mag een steigerbouwer zonder de juiste papieren nu echt naar huis sturen. De richtlijn heeft betrekking op stalen steigers die opgebouwd zijn uit losse onderdelen.

De werkingssfeer strekt zich uit over het ontwerp met teken- en rekenregels, de bouw door steigermonteurs, het gebruik en demontage, kortom de volledige levenscyclus van de steiger. De richtlijn zal (jaarlijks) aangepast worden aan de stand der techniek. Iedereen die met een steiger werkt moet voortaan een examen hebben gedaan en een persoonscertificaat hebben.

Aluminium (rol) steigers vallen buiten de werkingssfeer van de richtlijn.

Bron: NVVK en www.richtlijnsteigers.com



            

Uitgebreide omschrijvingen van bovenstaande onderwerpen kunnen vrijblijvend bij ons worden opgevraagd via info@arts-safety.com

                                                                           

                 

Arts Group Subsidiaries:

   

 

 

 

Uitschrijven

Postbus 5690
4801 EB Breda
   NL: +31 85 888 04 60
 BE: +32 3 808 08 92
  info@arts-safety.com

Copyright © 2019 | Arts Safety B.V. | Alle rechten voorbehouden.