Weergave problemen?

View this email in your browser


cid:0857080614-1

DE ONDERWERPEN VAN DEZE NIEUWSBRIEF:

  • RI&E: Alleenwerk                              
  • Actieve deelname medewerkers             
  • Licht en uitzicht
  • Contact zoeken met de bedrijfsarts
  • Optimale oplossing voor veilige hekbewaking
  • Inwendige ATEX-zones in installaties of machines
  • SNA NEN4400-1 behouden: positieve audit


cid:5407479238-2

Risico-Inventarisatie en Evaluatie

Alleen werken

Alleen werken is onvermijdelijk bij bepaalde functies. Wie alleen werkt, kan niet terugvallen op collega?s bij gevaar of een ongeval. De Arbowet geeft geen speciale eisen voor alleen werken. Werkgevers blijven echter verantwoordelijk voor een veilige en gezonde werkplek voor medewerkers. Jongeren onder de achttien jaar mogen helemaal niet werken zonder toezicht.

De werkgever moet in kaart brengen wie alleen werken, waar en wanneer. Ook moet de werkgever maatregelen en voorzieningen treffen om de risico?s van alleen-werken te beperken. Kijk daarbij niet alleen naar voor de hand liggende functies, maar ook naar werknemers die (tijdens kantooruren) in besloten ruimten werken, in kooiladders, of naar situaties waarin wordt gewerkt met gevaarlijke stoffen of ademlucht.

Het is raadzaam een handleiding te maken waarin staat wat te doen in verschillende noodsituaties. Dat geeft houvast en voorkomt paniek in crisissituaties. Zorg bovendien voor een goede registratie van wie aanwezig is. Dit is ook van belang voor uw BHV-organisatie. Voor het beoordelen van de RI&E en de getroffen maatregelen is het verstandig incidenten tijdens avond- en nachtdiensten te registreren en terug te koppelen naar de leiding. Werkgevers kunnen verschillende maatregelen treffen om het voor alleen-werkenden veiliger te maken:

  • Zorg dat de medewerker zich snel en gemakkelijk kan beschermen tegen ongewenst of agressief bezoek of indringers, bijvoorbeeld door de toegang te blokkeren.
  • Zorg dat een werknemer in geval van nood duidelijk hoorbaar alarm kan slaan.
  • Verstrek goed werkende communicatieapparatuur, zoals een (mobiele) telefoon of portofoon.
  • Zorg dat een werknemer in geval van nood kan vluchten zonder obstakels tegen te komen.
  • Zorg ervoor dat sleutels van deuren en andere hulpmiddelen zichtbaar binnen handbereik zijn.


Bron: InPreventie.


cid:6992060620-3
                  

Actieve deelname medewerkers

Actieve deelname van medewerkers aan de RI&E creëert draagvlak voor eventuele verbetertrajecten. Bovendien bereik je door de medewerkers bij de RI&E te betrekken een grotere bewustwording van veilig en gezond werken. Hoe jij zorgt voor betrokkenheid bij de RI&E en hoe je deze praktisch vormgeeft lees je in deze nieuwste whitepaper van Werk en Veiligheid.

Aanleiding voor deze whitepaper is de nieuwe enquête tool in het RI&E-instrument van IMA. Hiermee maak je eenvoudig een medewerkersenque^te en een rapport van het medewerkers onderzoek. Bij meer dan 190 vragen zijn enquêtevragen gemaakt. Je kunt ook eigen vragen toevoegen. In het laatste hoofdstuk van deze whitepaper staan enkele praktische tips voor het maken van een vragenlijst.

Bron: Werk en Veiligheid.


cid:6523658372-4

Licht en uitzicht                   

Licht- en uitzichtproblemen oplossen is een kwestie van teamwerk. De eerste signalen die erop wijzen dat er ergens sprake is van een lichtknelpunt worden vaak opgepikt door de leidinggevende of de gebouwbeheerder, al dan niet gebruik makend van een standaard klachtenregistratiesysteem. De Arbo professional of arbeidshygie¨nist is vaak de volgende schakel: hij of zij zal het probleem allereerst dienen te objectiveren (wat zijn de klachten precies?), geeft een verklaring van het probleem (waar wordt de verblinding, lage verlichtingssterkte, flikkering enzovoort door veroorzaakt?) en zal vervolgens suggesties doen voor verbetering (met welke maatregelen is het lichtprobleem op te lossen?).

Er bestaan verschillende manieren om tijdens een RI&E in kaart te brengen of er sprake is van licht gerelateerde gezondheids- en welzijnsrisico?s. Metingen aan kunstlicht, daglicht of uitzicht zijn lang niet altijd nodig. Met simpele middelen is vaak ook al een goed inzicht in de situatie te verkrijgen. Eventueel kunnen daarna altijd nog metingen uitgevoerd worden ter ?objectivering? van de situatie.

Om licht- en uitzichtrisico?s te herkennen kan de Arbo professional zich de volgende vragen stellen:

  • Hebben relatief veel medewerkers (meer dan 5 a´ 10%) vaak klachten over licht? Om dit te bepalen kan bestaande documentatie worden bestudeerd. Bijvoorbeeld uitkomsten van Periodiek Medisch Onderzoek (PMO), maar ook klachtenregisters van bijvoorbeeld gebouwbeheerders. Ook kan besloten worden om zelf direct een aantal medewerkers naar de ervaringen te vragen. Een uitgebreider alternatief is: uitzetten van een verlichtingsenque^te.
  • Hoe zit het met de verhouding diffuus licht/ gericht licht? Te diffuus licht (zoals bijv. in een ruimte met ramen op het noorden geeft relatief weinig schaduwvorming en kan een saaie indruk maken, wat weer kan leiden tot extra bijschakelen van kunstlicht terwijl dit qua verlichtingssterkte niet nodig is.
  • Moeten er (door een deel van de medewerkers) regelmatig werkzaamheden verricht worden in ruimten met weinig daglicht dan wel geen uitzicht?
  • Is men door de aard van de werkzaamheden (gevoelig voor daglicht) gedwongen om in een relatief donkere ruimte te werken (doka?s, CAD-tekenateliers)?
  • Of is er juist sprake van een relatief veel glas in de gevel (meer dan ca 50%) met een meer dan gemiddelde kans op hinder door verblinding en spiegeling ten gevolge van daglicht/ zonlicht?
  • Ontbreekt helderheidswering (bijvoorbeeld in werkruimten waar met beeldschermen wordt gewerkt)? Ook op bijvoorbeeld de noordzijde?
  • Bevindt een deel van de medewerkers zich relatief ver van de gevel (meer dan ca. 6 meter vanaf een venster)?
  • Is er sprake is van (relatief veel) verouderde armaturen die onvoldoende afscherming bieden (klaslokalen, oude kantoorpanden, loodsen, industrie)?
  • Zijn er relatief veel medewerkers ouder dan 45-50 jaar?
  • Wordt er gewerkt met laserlicht, UV of infrarood?
  • Zijn de juiste noodverlichting voorzieningen aanwezig?

 

Bron: Arbokennisnet.

cid:5730264859-5
                         

Contact zoeken met de bedrijfsarts

 

Met de nieuwe Arbowet sta je er als preventiemedewerker niet meer alleen voor als het gaat om preventie. Er is expliciet ruimte gemaakt voor samenwerking tussen de bedrijfsarts en de preventiemedewerker op het gebied van preventie. Hoe pak je dat in de praktijk aan?

Niet overal expert in
Als preventiemedewerker kunnen er heel wat onderwerpen op je af komen. Van vragen over vrij concrete zaken zoals het op de juiste manier instellen van de bureaustoel en de juiste manier van tillen, tot minder concrete zaken zoals pesten op de werkvloer en werkdruk. Natuurlijk is het onmogelijk om hier allemaal expert in te zijn. Er zijn tal van Arbo deskundigen, ieder deskundig op zijn/haar eigen vakgebied, die kunnen ondersteunen, waaronder de bedrijfsarts.

Basiscontract
Voorheen kon je als preventiemedewerker, met name bij MKB-bedrijven, vaak maar moeilijk in contact komen met de bedrijfsarts om preventie te bespreken. Veel van de contracten met bedrijfsartsen waren in de loop van de tijd flink uitgekleed, waardoor ze voornamelijk nog gericht waren op verzuimbegeleiding en re-integratie. Voor preventie kregen de bedrijfsartsen geen tijd in het contract. In het nieuwe basiscontract moet tijd zijn opgenomen voor de bedrijfsarts om met preventie in het bedrijf aan de slag te kunnen én om hierover te overleggen met de preventiemedewerker en de OR. Om te zorgen dat hier voldoende tijd beschikbaar voor komt, kun je als preventiemedewerker het beste zelf initiatief nemen en tijdig bij je werkgever aangeven hoeveel tijd en overleg je nodig denkt te hebben. Zo voorkom je dat het contract al is afgesloten en je voor voldongen feiten komt te staan. De OR heeft instemmingsrecht op de inrichting van het basiscontract, dus betrek hen ook en licht toe wat je denkt dat er nodig is.

Enkele feiten over het basiscontract op een rijtje:

·         In het basiscontract moet zijn vastgelegd hoe het overleg tussen de preventiemedewerker, bedrijfsarts en de OR is geregeld

·         De bedrijfsarts krijgt toegang tot de werkplek

·         De OR heeft instemmingsrecht op de inrichting van het basiscontract

·         Uiterlijk 1 juli 2018 moet het nieuwe basiscontract er zijn

Gebundelde krachten
Door de actieve samenwerking wordt de expertise van de bedrijfsarts op het gebied van maatregelen gecombineerd met de kennis van de preventiemedewerker op het gebied van bedrijfscultuur.  Als preventiemedewerker heb je veel kennis over hoe zaken binnen het bedrijf zijn geregeld en wat er al op het gebied van Arbo wordt gedaan. Voor de bedrijfsarts kan dit nuttige informatie zijn om goede adviezen te geven aan individuen, maar ook aan de werkgever als het gaat om een bredere preventieve aanpak. De RI&E kan een goed uitgangspunt zijn om de stand van zaken te bepalen. In het plan van aanpak zijn de prioriteiten als het goed is al vastgelegd, waardoor direct helder is welke onderwerpen de aandacht moeten krijgen. Stuur daarom voorafgaand aan het eerste gesprek alvast de RI&E met het plan van aanpak aan de bedrijfsarts.

Vragen aan de bedrijfsarts
De bedrijfsarts kan adviseren over tal van preventieve maatregelen. Uiteraard mag de bedrijfsarts niet ingaan op individuele casussen, maar hij of zij kan wel iets zeggen over trends. Als er bijvoorbeeld veel verzuim op een bepaalde afdeling ontstaat wat gerelateerd is aan werkdruk, kan de bedrijfsarts bij de preventiemedewerker navraag doen over hoe die afdeling werkt. Naast de onderwerpen uit het plan van aanpak, zijn er tal van andere onderwerpen waarin de preventiemedewerker en de bedrijfsarts samen kunnen optrekken. Nu we allemaal tot ons 67e moeten werken is duurzame inzetbaarheid een onderwerp waar veel bedrijven, zeker als er sprake is van fysiek zwaar werk, mee worstelen. Andere onderwerpen zijn bijvoorbeeld werkdruk en andere psychosociale arbeidsbelasting; onderwerpen die niet met een eenvoudige instructie aan te pakken zijn en waar expertise bij nodig is voor een goede preventieve aanpak.

Contact leggen
Het kan nog wel lastig zijn om het eerste contact te leggen met de bedrijfsarts. Het zou zomaar kunnen dat je hem of haar nog nooit hebt ontmoet. Zorg bijvoorbeeld dat je goed bent voorbereid. Immers, een bedrijfsarts kost wel geld. Met concrete vragen kun je snel aan de slag. Geef bij het maken van de afspraak eventueel alvast aan welke onderwerpen je wilt bespreken. Een kort gespreksverslag kan nuttig zijn, maar zorg hierbij dat niets te herleiden is naar medewerkers. Vergeet vooral niet om gelijk een volgende afspraak in te plannen, zodat je elkaar met regelmaat spreekt en niet alleen maar als er een probleem is. Nadat je elkaar een keer in levenden lijve hebt ontmoet, kan er voor de efficiëntie ook voor worden gekozen om telefonisch overleg in te plannen. 

 

Bron: Werk en veiligheid.


cid:7239269869-6

Optimale oplossing voor veilige hekbewaking

De optimale oplossing tot en met de hoogste veiligheidscategorie: wenkdeur bewaken met veiligheidsschakelaar PSENcode en het veiligheidsrelais PNOZsigma .

Veiligheidsschakelaar
PSENcode is geschikt voor zowel de stand bewaking van scheidende afschermingen als voor positiebewaking. Door de geïntegreerde evaluatie en standaardpoorten staat de schakelaar ook open voor producten van andere fabrikanten. De gecodeerde veiligheidsschakelaar maakt ook een latere aanpassing van uw installaties mogelijk.

Voor hekbewaking biedt PSENcode - zowel in een compact als groot formaat - maximale manipulatiebeveiliging dankzij RFID-technologie: In de uitvoering volledig gecodeerd, is er slechts één bedienpen die de sensor accepteert dankzij  sleutel-slot-principe. Serieschakeling met andere sensorentot Performance Level e (EN/ISO 13849-1).


U beschikt dus over een zeer economische en veilige oplossing!

Door deze veiligheidsschakelaars in combinatie met veiligheidsrelais (
PNOZsigma) komt jarenlange ervaring samen met de modernste veiligheidstechniek. Met weinig kosten bereikt u een maximum aan veiligheid en rentabiliteit. Met een bijzonder smalle behuizing en grote verscheidenheid in functionaliteit in elk apparaat functioneert PNOZsigma maximaal met een minimale breedte. Ofwel ruimtebesparend, flexibeler, sneller en dus efficiënter.

Bron: Pilz


cid:2308854104-7

Inwendige ATEX-zones in installaties of machines

Om de juiste en voldoende veiligheidsmaatregelen te nemen in explosiegevaarlijke omgevingen, is het in eerste instantie van belang de omgeving op te delen in zones. Afhankelijk van de ?zwaarte? van de zone zijn bepaalde maatregelen verplicht of niet. Maar hoe zit het met inwendige ATEX-zones in installaties en machines?

ATEX-zones die ín installaties bestaan zijn een specifiek aandachtspunt, bijvoorbeeld door de aanwezigheid van bepaalde gas-, stof- of hybride mengsels in onder andere pompen, leidingen, silo?s, vaten, opslagtanks, zeven, filters of transportschroeven.

De vraag is nu: kan er in het inwendige eigenlijk wel een explosieve atmosfeer ontstaan of überhaupt aanwezig zijn bij een machine of installatie in bedrijf? Zo ja, dan dient er voor het inwendige ook een zonering te worden bepaald. Daarbij kan de eigenaar bovendien te maken krijgen met meer dan één ATEX-zone.

Een mooi voorbeeld hiervan is een transportschroef voor meel. Hierbij zijn de in- en uitlaat als een zone 20 gedefinieerd en het schroefdeel zelf als 21, omdat hier geen continue stofwolken aanwezig zijn. Voor het vaststellen van de zones kan men de NPR 7910-1 voor gas of deel 2 voor stof gebruiken.

Bron: IAB Ingenieurs  

 

 

    
cid:9330152523-8

Stichting Normering Arbeid heeft de NEN4400-1 audit wederom met positief resultaat uitgevoerd.

 Image result for nen 4400-1 logo

 

 

Uitgebreide omschrijvingen van bovenstaande onderwerpen kunnen vrijblijvend bij ons worden opgevraagd via info@arts-safety.com

 


Arts Group Subsidiaries:

cid:9886654666-10

    cid:0749386227-11

             

cid:9814659452-12

 

 

Uitschrijven

Postbus 5690
4801 EB Breda
   NL: +31 85 888 04 60
 BE: +32 3 808 08 92
  info@arts-safety.com

Copyright U 2018 | Arts Safety B.V. | Alle rechten voorbehouden.