Weergave problemen?

View this email in your browser

 

DE ONDERWERPEN VAN DEZE NIEUWSBRIEF:

  • PGS 6 Gepubliceerd
  • De RI&E in de praktijk
  • Arbocatalogus
  • Wijziging Arbowet 2017 in een notendop
  • Wat de preventiemedewerker kan doen aan langdurig zitten
  • Kalender Arts Safety Consultants B.V. 2017
  • Nieuwe uitdagende vacatures Arts Safety Consultants B.V.

 

 

PGS 6 Gepubliceerd
 

Een nieuwe handreiking voor bedrijven en overheden is op 23 november 2016 gepubliceerd. De PGS 6:2016 is bedoeld om de regels toe te lichten, die in het Besluit risico’s zware ongevallen 2015 en de Regeling risico’s zware ongevallen staan en betrekking hebben op de verplichtingen voor bedrijven.

De handreiking gaat in op bijvoorbeeld het veiligheidsrapport en het veiligheid managementsysteem. In vergelijking met de oude versie bevat de nieuwe handreiking 6 nieuwe bijlagen.

Bijlage C: PBZO-document
Bijlage D: Omschrijving VBS-elementen
Bijlage H: Installatiescenario’s voor PGS 15-opslagbedrijven
Bijlage L: Overstromingen
Bijlage M: Aardbevingen
Bijlage N: Kwetsbare natuurgebieden

PGS 6:2016 is te downloaden op de website van de PGS beheerorganisatie.


Bron: http://brzoplus.nl/

 

 

De RI&E in de praktijk
 

Uit de RI&E blijkt vaak dat veel geconstateerde knelpunten een relatie hebben met (on)gezond en (on)veilig gedrag. Effectief communiceren over gezond en veilig gedrag is daarom essentieel om bijvoorbeeld bedrijfsongevallen en gezondheidsschade van medewerkers te voorkomen. Hoe pak je dat aan? Wie effectief wil communiceren, doet dat met een goed communicatieplan. Een goed communicatieplan bestaat uit de volgende stappen:

  1. Probleemanalyse.
  2. Communicatiedoel(en).
  3. Ontvanger(s) bepalen.
  4. Boodschap(pen) formuleren.
  5. Communicatiemiddelen kiezen.
  6. Zender(s) bepalen.
  7. Testen.
  8. Communiceren.
  9. Evalueren.
  10. Borgen.

 

 

Arbocatalogus


Werkgevers bekijken samen met de werknemers (ondernemingsraad, personeelsvertegenwoordiging of personeelsvergadering) hoe aan deze doelvoorschriften het best voldaan kan worden. Dit wordt vastgelegd in een arbocatalogus.
Bedrijven kunnen zelf een arbocatalogus opstellen of zich aansluiten bij de arbocatalogus van hun branche.

De Inspectie SZW toetst de Arbo catalogi die voor een hele sector of branche worden opgesteld, om zeker te stellen dat aan de doelvoorschriften wordt voldaan. Kijk hier voor alle Arbo catalogi die in het Arboportaal zijn opgenomen.

Uit inventarisaties blijkt vaak dat de Arbo catalogus van de eigen branche of bedrijf niet bekend is, laat staan gebruikt en toegepast.


Bron: www.arboportaal.nl

 

 

Wijziging Arbowet 2017 in een notendop


Eind december 2015 heeft minister Asscher een wetsvoorstel ingediend voor wijziging van de Arbeidsomstandighedenwet.

Wat zijn in het kort de belangrijkste doelstellingen en wijzigingen van dit wetsvoorstel?

De afgelopen jaren is er veel discussie geweest over de arbeid gerelateerde zorg. Er is forse kritiek geuit op het functioneren van de arbodienstverlening in het algemeen en op de rol van de bedrijfsarts in het bijzonder.

Doelstellingen en wijzigingen
Wat zijn de belangrijkste doelstellingen en wijzigingen? En wat zijn de gevolgen voor de contracten van werkgevers en werknemers met arbodiensten en bedrijfsartsen? U vindt het hieronder kort op een rij.

Doelstellingen

● 
Versterking van de positie van de preventiemedewerker en samenwerking met de arbodienstverleners/Arbo deskundigen;
● 
Verduidelijken van de adviserende rol van de bedrijfsarts bij verzuimbegeleiding;
● 
Het kunnen consulteren van de bedrijfsarts;
● 
Ruimte voor professionele beroepsuitoefening door bedrijfsarts en andere arbodienstverleners;
● 
Het basiscontract arbodienstverlening;
● 
Meer mogelijkheden voor handhaving en toezicht.

Wijzigingen
Betere toegang tot de bedrijfsarts door middel van een ‘open spreekuur’, bedrijfsarts moet iedere arbeidsplaats kunnen bezoeken en er moet een “adequate procedure” komen voor het afwikkelen van klachten.

Recht van werknemer op second opinion van andere bedrijfsarts, buiten de arbodienst of het bedrijf waar de eerste bedrijfsarts werkt. Zelfstandige bedrijfsartsen en arbodiensten moeten hiertoe contracten gaan afsluiten met andere arbodienstverleners.

Afspraken over de arbodienstverlening vastleggen in een schriftelijke overeenkomst, het basiscontract arbodienstverlening. Daarin moet staan:
1) dat de bedrijfsarts toegang heeft tot elke werkplek,
2) op welke manier de arbodienstverlener of bedrijfsarts zijn wettelijke taken kan uitvoeren,
3) hoe de toegang tot de bedrijfsarts en het overleg met de preventiemedewerker en or zijn geregeld,
4) hoe werknemers gebruik kunnen maken van het recht op second opinion,
5) hoe de klachtenprocedures werken en
6) hoe de bedrijfsarts omgaat met de meldingsplicht voor beroepsziekten.

Handhaving en toezicht: uitbreiding van de sanctioneringsmogelijkheden van de Inspectie SZW ten opzichte van werkgevers, arbodiensten en bedrijfsartsen. In sommige gevallen wordt de bedrijfsarts gelijkgesteld aan de werkgever. De I-SZW mag werkgevers zonder basiscontract arbodienstverlening beboeten.

Grotere betrokkenheid van werknemers bij de totstandkoming van afspraken met arbodiensten en bedrijfsartsen. Zo krijgt het medezeggenschapsorgaan instemmingsrecht bij de keuze van de preventiemedewerker en diens positionering in de organisatie.

Voor risico’s en afspraken over aansprakelijkheden moeten medezeggenschapsorganen en werkgevers zich goed laten informeren over de rechten en plichten die zij aangaan in de overeenkomsten met arbodienstverleners. Door scholing of door een adviseur in de arm te nemen.

Voor meer informatie kunt u de whitepaper via deze link downloaden


Bron: arbo-online.nl

 

 

Wat de preventiemedewerker kan doen aan langdurig zitten


De hoogopgeleide Nederlander zit op een gemiddelde doordeweekse dag 10,1 uur­­ (ref 1), wat de nodige gezondheidsrisico’s met zich mee brengt. Aangezien een groot deel van de zittijd op kantoor wordt doorgebracht, is dit de aangewezen plek om die zittijd te verminderen. Maar hoe doe je dat?

Waarom minder zitten?
Langdurig zitten verhoogt het risico op overgewicht, diabetes, hart- en vaatziekten en vroegtijdig overlijden. Dit is aangetoond met cohortstudies, waarin grote groepen mensen voor meerdere jaren werden gevolgd. Hieruit kwam naar voren dat bij mensen die echt langdurig zitten,  meer dan 11 uur per dag, de risico’s exponentieel toenemen (ref2).

Verder bleek dat de bovengenoemde gezondheidsrisico’s onafhankelijk zijn van de mate van fysieke activiteit. Dit houdt in dat deze risico’s ook gelden als je voldoet aan de beweegnorm van 30 minuten per dag matig tot intensief bewegen. Hoewel een recente studie (samenvatting van de resultaten van verschillende cohortstudies) liet zien dat bij mensen die heel veel sporten (60 -75 minuten per dag), de risico’s wel worden afgezwakt (ref3). Echter meer dan een uur sporten per dag is maar voor een enkeling dagelijkse routine. Het is gemakkelijker om minder te zitten dan (substantieel) meer te bewegen. Dit geldt zeker voor kantoormedewerkers die het grootste deel van de dag zittend achter hun bureau doorbrengen. Voor werkgevers met een zorgplicht naar hun medewerkers, is het van belang om hun medewerkers hierin te ondersteunen.
 
Om de zittijd te verminderen zijn verschillende soorten interventies op de werkplek mogelijk. De omgeving kan aangepast worden, het (individueel) gedrag kan worden veranderd of de interventie is een combinatie van beide.
 
Aanpassen van de omgeving
De omgeving kan op verschillende manieren worden aangepast. Zo kan een kleine aanpassing, bijvoorbeeld de introductie van centrale afvalpunten in plaats van eigen prullenbakken, medewerkers al stimuleren om meer te bewegen op het werk. We zien echter wel dat deze toename in beweging niet persé een afname in de totale zittijd betekent. Er zijn dus meerdere (kleine) omgevingsveranderingen nodig, zoals het verder weg plaatsen van de printers of het introduceren van lunch- of vergadertafels op stahoogte. Andere omgevingsaanpassingen zijn natuurlijk de aanpassingen van werkplekken zoals zit-stabureaus, loopbandbureaus of fietsbureaus.
 
Actieve werkplekken
In wetenschappelijk onderzoek is duidelijk aangetoond dat de implementatie van zit-stabureaus het zitten tijdens een werkdag aanzienlijk kan verminderen, tot gemiddeld meer dan een uur per werkdag. Echter deze onderzoeken hadden veelal een looptijd van maar 3 maanden. De enkele onderzoeken die gedurende een langere tijd hebben gekeken naar het gebruik van zit-sta werkplekken laten zien dat na verloop van tijd weer een (kleine) stijging in het aantal zitminuten lijkt op te treden. Om langdurig gebruik van zit-sta bureaus te stimuleren, lijkt in ieder geval meer nodig te zijn dan alleen medewerkers een dergelijk bureau te geven. Ervaren (zelf gerapporteerde) en objectief gemeten (bijvoorbeeld tijdens het uitvoeren van een standaard typtaak) werkprestatie worden nagenoeg niet beïnvloed door het gebruik van de zit-stabureaus.
 
Ook voor meer actieve werkplekken zoals loopband-bureaus en fietsbureaus geldt dat zij de zittijd verminderen, bovendien neemt het energieverbruik van de gebruiker toe, meer dan bij zit-stabureaus het geval is. Actieve werkplekken hebben echter wel een negatieve invloed op de prestatie, zo is het moeilijker nauwkeurig met een muis te werken op een fietsbureau in vergelijking tot een zittende werkplek. .
 
Persoonlijke gedragsverandering interventies
Interventies gericht op de individuele medewerker bestaan doorgaans uit het geven van feedback op gedrag, het stellen van persoonlijke doelen (goal-setting) of de inzet van personal motivators. Feedback over gedrag kan bijvoorbeeld gegeven worden met een stappenteller die het aantal stappen dat je per dag zet bijhoudt. Het persoonlijke doel is dan om iedere dag 10.000 stappen te zetten en een personal motivator kan een manager, collega of ook een softwareprogramma zijn die je ondersteunt bij het behalen van je doel, bijvoorbeeld door het geven van een reminder. In dit type interventie speelt het groepsproces een grote rol en is het van belang dat een gezonde bedrijfscultuur ontstaan. Was het eerst de norm om de lift te nemen, zittend te lunchen en dat één iemand de koffie voor zijn collega’s haalt? Met de persoonlijke doelen in een bedrijf om minder te zitten en meer te bewegen wordt het de norm om de trap te nemen, te wandelen met de lunch en gezamenlijk koffie te halen.
 
Beide interventies combineren
Wetenschappelijk onderzoek toont aan dat een combinatie van een omgevingsinterventie met een interventie gericht op persoonlijke gedragsverandering de zittijd het meeste verminderd wordt. Medewerkers die naast een zit-stabureau ook een training over het gebruik van het bureau ontvangen, gebruiken het bureau intensiever dan zonder training.
 
Hoe lang blijf je staan?
Welke (combinatie van) interventies je ook kiest om binnen jouw bedrijf te implementeren, het is goed om te beseffen dat zitten niet per sé slecht is! Hier geldt ook dat alles wat je te lang doet schade oplevert, dus langdurig staan willen we ook vermijden. Kijk maar naar beroepen waar juist heel veel wordt gestaan zoals in de zorg of retail. Hier zijn vermoeide benen, klachten aan gewrichten en spataderen de gezondheidsrisico’s. Uit onderzoek naar het gebruik van sta-bureaus, waarbij dus uitsluitend wordt gestaan, blijkt dat na ongeveer een uur discomfort in de benen, heupen en rug wordt ervaren. Afwisseling is dus het toverwoord. Hoe vaak exact van houding gewisseld moet worden is nog niet duidelijk  Gebaseerd op advies van de gezondheidsraad geldt dat in ieder geval niet langer dan 1 uur aaneengesloten op een dag gestaan mag worden met een maximum van 4 uur per dag.
 
Tips voor de preventiemedewerker

● 
Een verandering in omgeving, dus het aanbieden van actieve werkplekken, verlaagt de gemiddelde zittijd. Dit effect wordt groter als je feedback over de hoeveelheid zitten geeft, persoonlijke doelen laat stellen en een motivationele component toevoegt;
Betrek de medewerkers in de selectie van mogelijke maatregelen. Medewerkers hebben vaak de leukste suggesties, die goed binnen het bedrijf passen, zoals een pingpongtafel, staand vergaderen, de laatste twee etages met de trap, wandelgroepen, etc;
Betrek ook het management bij de interventie. Of je nu financiële steun krijgt of niet, managers zijn belangrijke rolmodellen en motivatoren;
Een cultuurverandering vindt plaats als het nieuwe gedrag de norm wordt en het oude gedrag de uitzondering. Dus bijvoorbeeld als bijna iedereen de trap neemt in plaats van (voorheen) de lift of bijna iedereen staand vergadert in plaats van (voorheen) zittend.

Bron: www.werkenveiligheid.nl 

 

 

Kalender Arts Safety Consultants 2017



Afgelopen periode heeft Arts Safety Consultants B.V. haar relaties / opdrachtgevers en medewerkers een klein relatiegeschenk aangeboden in de vorm van een Arts Safety Consultants B.V. kalender.

Indien u ook geïnteresseerd bent om een gratis Arts Safety Consultants B.V. aan te vragen kunt u dit nog vóór het einde van dit jaar aangeven door een mailtje te sturen naar info@arts-safety.com.

 

 

 

Nieuwe uitdagende vacatures Arts Safety Consultants B.V.
 

Momenteel is Arts Safety Consultants B.V. o.a. bezig met het selecteren en werven van kandidaten voor o.a. onderstaande vacatures. Ben jij toe aan een nieuwe uitdaging, bekijk dan voor meer informatie en overige vacatures de link vacatures onder aan onze nieuwsbrief.

  • Specialist Environment & Energy (Afdeling HSEQ)
  • Safety Quality Officer (Regio Zeeuws-Vlaanderen)
  • Hoofd HSE - (Vast dienstverband)
  • Veiligheidskundige – Zuid Holland
  • Consultant Recruitment NL & BE - Arts Safety Consultants B.V.

Uitgebreide omschrijvingen van bovenstaande onderwerpen kunnen vrijblijvend bij ons worden opgevraagd via info@arts-safety.com
 


Arts Group Company:

 

 

 

Voorkeuren aanpassen
Uitschrijven

Postbus 5690
4801 EB Breda
   NL: +31 85 8880460
 BE: +32 38 080892

info@arts-safety.com

Copyright © 2016 Arts Safety Consultancy B.V. Alle rechten voorbehouden.