De Nederlandse Arbeidsinspectie heeft veertig beroep-sectorcombinaties geïdentificeerd waarin werknemers relatief vaak met meerdere arbeidsrisico’s tegelijk te maken hebben. Het gaat niet alleen om lichamelijk zwaar of gevaarlijk werk: ook werkstress, ongewenst gedrag, een slechte werk-privébalans en een kwetsbare positie op de arbeidsmarkt spelen een belangrijke rol.
Drie domeinen in plaats van één lijst
De veertig combinaties vormen geen klassieke top 40 van beroepen met de meeste arbeidsongevallen. De Arbeidsinspectie kijkt breder, naar gezond werk, veilig werk en eerlijk werk. Een beroep kan hoog in de lijst komen doordat werknemers op meerdere terreinen tegelijk kwetsbaar zijn, bijvoorbeeld fysiek zwaar werk in combinatie met een tijdelijk contract en weinig invloed op de werkomstandigheden.
Risico’s versterken elkaar
Wie fysiek zwaar werk doet, heeft niet automatisch een verhoogd risico op uitval. Dat risico groeit wanneer daar hoge werkdruk, onvoldoende herstelmogelijkheden, nachtwerk of weinig steun van leidinggevenden bij komt. In verschillende risicovolle combinaties zijn werknemers bovendien vaker laagopgeleid, hebben ze een laag inkomen of werken ze op een flexibel contract. Dat maakt preventie ingewikkelder: een advies over ergonomie schiet mogelijk tekort als iemand tegelijk bang is dat een tijdelijk contract niet wordt verlengd.
Beveiligers, koks en uitzendkrachten
Beveiligingswerkers rapporteren vaker een slechte gezondheid, werkgerelateerd verzuim, psychische vermoeidheid, nachtwerk en ongewenst gedrag. Koks in de restaurantsector kampen met hoge taakeisen, een slechte werk-privébalans, fysieke belasting en gevaarlijke stoffen. Bij uitzendkrachten in bouw en techniek komen een slechte arbeidsmarktpositie, beperkte sociale steun en onvrijwillig flexwerk samen met fysieke overbelasting.
Werk is meer dan de taak zelf
Het rapport raakt aan een belangrijk uitgangspunt van de bedrijfsgezondheidszorg: gezondheid op het werk wordt niet alleen bepaald door de taak zelf, maar ook door de manier waarop het werk is georganiseerd.
Bron: NVvA