Delen op facebook
Delen op twitter
Delen op linkedin

Oneigenlijk gebruik methylfenidaat

Studenten gebruiken regelmatig ADHD (Attention Deficit Hyperactivity Disorder)-medicijnen zonder recept om beter te kunnen studeren. Het vermoeden bestaat dat zij dit middel krijgen van anderen die er wel een recept voor hebben. Rioolwateronderzoek van het RIVM onderbouwt dit. De medicijnen worden niet op grote schaal uit het buitenland gehaald of via internet gekocht.

Voor ADHD-medicijnen is een recept nodig van een arts. Bijna 1 op de 20 studenten heeft deze medicijnen wel eens zonder recept gebruikt. Dat bleek uit eerder vragenlijstonderzoek van het Trimbos-instituut, de GGD (Gemeentelijke Gezondheidsdienst), GHOR (Geneeskundige Hulpverleningsorganisatie in de Regio) en het RIVM onder studenten. Het bekendste en meest gebruikte ADHD-medicijn is methylfenidaat, met merknamen als Ritalin en Concerta.

Gebruik zonder recept is illegaal en ongewenst, omdat de middelen ernstige bijwerkingen kunnen hebben. Voorbeelden zijn misselijkheid, hartkloppingen, slapeloosheid en, minder vaak, angststoornissen en depressie. Artsen hebben geen zicht op bijwerkingen en de mogelijke oorzaak hiervan bij gebruikers zonder recept.

Methylfenidaat wordt afgebroken naar ritalinezuur en komt in het rioolwater terecht. Het RIVM heeft een week lang elke dag de hoeveelheid ritalinezuur gemeten bij drie rioolwaterzuiveringsinstellingen (RWZI): Utrecht, Amsterdam en Eindhoven. Op basis van wat artsen voorschrijven aan ADHD-medicatie, is geschat hoeveel ritalinezuur er in het rioolwater van de drie steden zou moeten zitten. Deze schatting is daarna vergeleken met wat er gemeten is bij de rioolwaterzuiveringsinstellingen. De metingen van het RIVM komen overeen met de schatting. Dit betekent dat er geen extra hoeveelheden worden ingenomen die bijvoorbeeld online of in het buitenland worden besteld.

Een mogelijkheid om oneigenlijk gebruik tegen te gaan is dat artsen methylfenidaat in kleinere hoeveelheden voorschrijven. Ook is het belangrijk dat zij voldoende bij de patiënt controleren of het middel goed werkt en het gebruik nodig blijft. Apothekers kunnen signalen over oneigenlijk gebruik melden bij artsen.

Bron: RIVM.